Literatuur, Paper, Referaat, Co-referaat , Slotwerkstuk
BIJLMERRAMP IN DE PERS
Theorie
Evers, H.J. en A. van Hoof, krant en kwaliteit: verkenningen rond de onderzoekbaarheid van journalistiek (Houten 1996)
Algemene informatie
C.O.T., ‘De Bijlmerramp’ in: Beleidswetenschap 1 (1995) 73.
Dekker, V., Going down, going down. De ware toedracht van de Bijlmerramp (Amsterdam 1994)
De Jong, S., ‘Rampcommissie Bijlmer’ in: HP/ De Tijd 9 (3 maart 2000) 20-21.
Th. Meijer e.a., Een beladen vlucht: waarheidsvinding en lessen voor de toekomst (Den Haag 1999)
Bijlmerramp en Journalistiek
Blanke, H. en F. Obbema, ‘Media op de snijplank’, in: De Volkskrant 15 mei 1999.
Vasterman, P., ‘Rampzalige berichtgeving over Bijlmerramp’ in: De Journalist 10 (1999) 38-42.
Van Wersch, H., ‘Dance macabre van pers en publiek’ in: Comma 6 (2000) 2-5.
Z.n., ‘Charlatans en fantasten spelen doorslaggevende rol bij het levend houden van de Bijlmerramp’ in: Elsevier 48 (1998) 12-19.
Z.n., ‘Bijlmerramp brengt journalisten tot elkaar’ in: De journalist 9 (1998) 24-25
Z.n., ‘Een jaar na de Bijlmerramp’ in: Elsevier 39 (1993) 24-25
Z.n., ‘Bijlmerramp brengt Nederlandse fotojournalistiek over de grens’ in: De Journalist 19 (1992) 25.
Z.n., ‘Van Bhopal tot Bijlmer. Waar houdt de ramp op en begint de massahysterie?’ in: Elsevier 14 (2000) 124-128.
NRC Handelsblad vs. Telegraaf
Van Es, G., Door onze redacteuren: NRC Handelsblad 1970-1995 (Amsterdam 1995)
Van Stegeren, Th., ‘De grillige Telegraaf’ in: Intermediair 52 (1992) 23-30.
Z.n., ‘Een goede krant die beter moet’ (interview met Folkert Jensma) in: De Journalist 7 (1997) 20-22.
Onderzoek
Het neerstorten van vlucht LY 1862 op twee Bijlmerflats was de grootste ramp van de jaren negentig in Nederland. Niet alleen de ramp zelf zorgde voor een groot trauma; vooral de nasleep er van, de mannen in witte pakken, de onverklaarbare ziektes, de verdampte illegalen, de geheime lading, de vele complottheorieën en het omstreden rapport van de commissie-Meijer bleven en blijven de gemoederen bezighouden. De geëmotioneerde en ronduit slordige journalistiek van tijdens de parlementaire enquęte is op zichzelf al een bijzonder interessant onderwerp om de objectiviteit van journalistiek en het belang daarvan te toetsen. Het AD bijvoorbeeld kopte ZES JAAR BELAZERD na de ‘onthulling’ dat het vliegtuig propvol explosieven en gevaarlijke gassen zou hebben gezeten. Foute informatie, maar Nederland stond op haar kop.
Hier gaat het echter om de verslaggeving van de ramp zelf. Ik wil me daarbij concentreren op twee dagbladen van maandag 5 oktober tot en met vrijdag 9 oktober 1992. Daarbij denk ik aan een vergelijk tussen NRC Handelsblad en de Telegraaf. Deze twee kranten verschillen aanzienlijk in stijl van verslaggeven: Het NRC heeft het imago afstandelijk en informatief te zijn op een zakelijke manier. De Telegraaf schijnt veel meer aan ‘meeleef-journalistiek’ te doen: dramatische koppen, grote foto’s en een geëngageerde schrijfstijl.
De krant heeft het primaire doel het publiek juist te informeren. Wordt dat doel door beide kranten goed bereikt, ook al is de verslagwijze verschillend? Dat is de vraag waar ik mijn onderzoek op wil richten.
Daarnaast wil ik ook kijken of de kranten altijd juist informeren. Ed van Thijn heeft bijvoorbeeld foute informatie geleverd in de eerste dagen na de ramp, onder meer over het aantal slachtoffers. Hoe gingen de kranten daarmee om?
Uitwerking van deze gedachten plus een volledige vraagstelling in de paper.