TITELPAGINA REDACTIONEEL WEGWIJZER HOOFDPAGINA DECENNIUM JAAR ZOEKEN


_____________________________
Petrus Camper
           1722-1789          
_____________________________

Over zijn leven
Petrus Camper werd geboren op 11 mei 1722 als  het derde kind van de emeritus-predikant Florentius Camper en zijn vrouw Sara Geertruida Ketting. Het echtpaar woonde in Leiden en Florentius was daar een niet onaanzienlijk persoon

De wetenschappelijke carriŤre van Petrus Camper begon met zijn dubbele promotie op 14 oktober 1746, in de geneeskunde, maar ook in de filosofie. Na deze promotie vestigde hij zich als huisarts in Leiden.

Na de dood van zijn ouders in 1748 staakte hij zijn werkzaamheden en maakte een reis door Engeland, Frankrijk, Zwitserland en Duitsland. Tijdens die reis, op 18 september 1749, werd hem een aanstelling in Franeker aangeboden, in eerste instantie als hoogleraar in de filosofie, maar enkele dagen erna ook als hoogleraar in de geneeskunde.

Camper aanvaarde de dubbelfunctie, maar kon door een ernstige ziekte niet naar Franeker vertrekken. Pas halverwege 1750 reisde hij af naar Friesland. Slechts vijf jaren lang heeft Franeker de later zo beroemde Camper in haar midden gehad. Al in 1755 kreeg Camper het ambt van hoogleraar in de ontleed- en heelkunde aan het Athenaeum Illustre te Amsterdam aangeboden. Hij aanvaarde het en vertrok uit Franeker.


Petrus Camper
In 1765 huwde hij de weduwe van de Harlinger burgemeester Doede Johannes Vosma, Johanna Bourboom.

In Amsterdam bracht hij het tot chirurgijn van de justitie en stads-vroedmeester en uiteindelijk tot professor in de medicijnen in 1758. Hij aanvaarde deze functie met een redevoering genaamd: De certo in medicina.
Te Amsterdam schreef Camper nog het eerste deel van zijn Demonstrationes anatomico- pathologicae [1760],  maar kort daarop nam hij ontslag en vertrok naar zijn buitenverblijf Klein-Lankum nabij Franeker. De reden van deze keuze lag, zo beweert men, in het feit dat zijn vrouw graag weer naar geboortegrond wilde terug keren.
Op het buitenverblijf bewerkte Camper het tweede deel van zijn Demonstrationes anatomico- patalogicae, dat hij reeds had geschreven. Het verscheen in 1762.

Ook verschenen van zijn hand de verhandelingen Over het gehoororgaan der geschubde visschen en Over de opvoeding der kinderen. Uit dit laatste blijkt wel dat de ontleedkunde niet het enige vakgebied was waar Camper belangstelling voor had.

camper college.jpg (67168 bytes)

Camper geeft college
Door de dood van professor Lambergen in augustus 1763 kwam er een vacature in de geneeskundige faculteit van de Universiteit van Groningen. Camper aanvaarde de functie in 1764 met zijn redevoering De analogica inter animalia et stirpes, waarin denkbeelden naar voren komen die later door Darwin werden verkondigd. Een tweede redevoering, De Claudis et Claudicatione, hield hij ter opening van zijn lessen.
In Groningen werd hij benoemd tot 'stads-physicus', wat inhield dat Camper schouwingen moest doen op lichamen ten dienste van justitie en van onderwijs.
Hoewel Camper de jongste hoogleraar in Groningen was, benoemde men hem tot Rector Magnificus in 1765. Hij droeg het ambt echter al in 1766 over aan zijn ambtgenoot Schroeder. Hij deed dit wederom met een redevoering, De pulchro physico.

Zijn werkzaamheden aan de Groninger Hoogeschool staakte Camper in 1773. 

Over zijn verdere werkzaamheden
Dat Camper ontslag had genomen, betekende niet dat hij stil ging zitten. Hij wijdde zich aan het beantwoorden van prijsvragen, waarvan hij er tien won.

Ook schreef hij tal van verhandelingen op het terrein van de vergelijkende ontleedkunde.
In 1779 publiceerde hij een lijst met zijn werken, zijn Historiae literariae cultoribus S.P.D. Petrus Camper.

Naast de ontleedkunde heeft hij zich bezig gehouden met de palaeontologie, mineralogie, economie, filosofie, gerechtelijke-geneeskunde, diergeneeskunde, verloskunde en heel- en geneeskunde. Ook was het Camper die de eerste polikliniek van Nederland heeft geopend.  

Al was Camper dan in de eerste plaats wetenschapper, hij beoefende ook de schone kunsten, zoals dat in die tijd zo mooi heette.
handen.jpg (36386 bytes)

Tekening van de hand van Camper
Hij vervaardigde niet alleen zelf veel illustraties bij zijn wetenschappelijke werk [tekeningen zoals hiernaast, ze werden wel op een lijn gezet met de beroemde door Wandelaar vervaardigde tekeningen in de ontleedkundige werken van Albinus.], hij heeft ook  veel etsen, schilderijen, tekeningen en beeldhouwwerken gemaakt die niets met wetenschap van doen hebben. Daarnaast heeft hij ook over de kunst geschreven. Over het natuurlijk verschil der wezenstrekken in menschen van onderscheiden landaart en ouderdom heeft de schone kunsten ' wel degelijk bevorderd en verrijkt met de gaven van Camperts grooten geest', aldus Dr C.E. DaniŽls. 
Alsof het dan nog niet genoeg is; zijn overige functies geven het beeld van een man die nooit heeft stil gezeten.
Toen Camper zich voor de tweede maal op Klein- Lankum vestigde, kreeg hij als groot grondbezitter de functie van dijkgraaf toegewezen. Hij kreeg een plaats in de Vroedschap der stad Workum, wat hem weer een functie opleverde: Hij kreeg zitting in het college der admiraliteit van Friesland. Dr C.E. DaniŽls meld dat hij deze onderscheiding aan de invloed van Prins Willem V was verschuldigd. 

Camper was dan ook overtuigd Prinsgezind en dus tegenstander van de patriotten. Dit werd goed duidelijk toen Camper in 1787 tot lid van de Raad van State werd benoemd. Hij heeft het daarin zelfs tot voorzitter geschopt. Lang heeft hij er echter niet van kunnen genieten: Hij overleed in April 1989 aan een hevife borstvliesontsteking

camper 2.jpg (34887 bytes)

ReliŽfportret Camper

Het was het einde van een bedrijvig leven. Naast zijn werk maakte Camper namelijk ook nog eens veel reizen, een jaarlijks terugkerende bezigheid die hem in het buitenland nogal wat bekendheid heeft bezorgd.

Hij werd zo lid van diverse buitenlandse genoodschappen en ontmoette vele geleerden en vorsten, waaronder Frederik de Groote en diens broer Henderik.

De later beroemde Duitse geleerde Samuel Thomas von Soemmerring verbleef rond 1779 zelfs geruime tijd op Klein-Lankum.
Campers Bibliografie Hier vindt u al zijn geschriften en tekeningen alsmede de vindplaatsen ervan.
Een overzicht van de literatuur waarop de sites over de Groninger Raarekiek en aanverwante sites zijn gebasseerd, is te vinden op Literatuur.
 

TITELPAGINA REDACTIONEEL WEGWIJZER HOOFDPAGINA DECENNIUM JAAR ZOEKEN

Pagina herzien : 13-01-04
Copyright © 1998-2003, Hein Leferink