Communicatie- en Informatiewetenschappen || Interne Communicatie || home wim vuijk

Organisatie
Organisatiestrategie - omgeving

 


Organisaties ontlenen hun bestaansrecht en hun bestaansmogelijkheden aan de omgeving. Het bestaansrecht is verbonden aan de functie die de organisatie voor de omgeving vervult. Zij levert een product, een dienst of voorziet in een andere maatschappelijke behoefte. Een organisatie past zich aan aan haar omgeving, in eerste instantie door aanpassing van de doelstellingen (variabelen). De omgeving van een organisatie bestaat uit verschillende vormen:

 

 


Variabelen

Er zijn drie beschrijvende variabelen waarmee beschreven kan worden op welke manier kenmerken van de omgeving waarin een organisatie opereert samenhangen met de interne organisatie (Paul, 1994: 120 ev):

  • Dynamiek
    In hoeverre is er sprake van snelle veranderingen in omgevingscomponenten. Stabiel, veranderlijk, turbulent (Paul, 1994: 121)
  • Complexiteit
    Een maat voor de ingewikkeldheid van de opbouw van de omgeving waarin een organisatie opereert. (Paul, 1994: 122)
  • Vijandigheid 

Omgeving in ruime zin

In de meest ruime zin gedefinieerd is de omgeving alles minus de betreffende organisatie. De omgeving in ruime zin bestaat uit:

  • de economische orde,
  • de sociaal-politieke orde,
  • de culturele orde en 
  • de juridische orde.

Volgens Paul is de omgeving gelijk aan de macro-omgeving, die aan de hand van verschillende soorten variabelen kan worden beschreven: 

  • economische variabelen;
  • technologische en wetenschappelijke variabelen;
  • sociaal-culturele variabelen;
  • politieke en juridische variabelen;
  • internationale dimensie.

(Paul, 1994: 117)


Omgeving in enge zin

De omgeving in enge zin kent, wanneer als referentie-organisatie een onderneming wordt gekozen, de volgende elementen:

  • op dezelfde markt opererende ondernemingen;
  • toeleverende ondernemingen;
  • afnemende organisaties;
  • overheid;
  • vakbonden;
  • omwonenden.

Taakomgeving

"verzameling van die partijen waarmee de organisatie direct van doen heeft" (Paul e.a., 1994).

" (…) dat deel van de (…) omgeving dat voor het effectief functioneren van een bepaalde organisatie van bijzonder belang is". (Schenk, 1977: 89). Aan deze taakomgeving kunnen vier sectoren worden onderscheiden waarmee de meeste organisaties in aanraking komen:

  • customers;
  • suppliers;
  • regulatory groups;
  • competitors. 

(Scott, 1981: 188)


Overig

  • Omgevingsbeschrijving naar niveau
    De ‘nabijheid’ tot de organisatie of de beinvloedbaarheid vormt het onderscheid tussen de niveaus. (Paul, 1994: 110)
  • De stakeholders benadering
    Binnen en buiten een organisatie is een aantal partijen aanwijsbaar, die er elk hun eigen doelen op na houden. Er kunnen interne en externe stakeholders worden onderscheiden. (Paul, 1994: 111)
  • Netwerking van organisaties
    De verduurzaming van de onderlinge relaties tussen organisaties (Paul, 1994: 113)
  • Bedrijfstak als omgevingsniveau
    Vier karakteristieken die de aard van de concurrentie in een bedrijfstak bepalen (de concurrentiekrachten van Porter). (Paul, 1994: 115)

 

Bibliografie
  • Eyzenga, G.R. e.a. (1977) Planning en beheersing van organisaties. Amsterdam.
  • Paul, J.C.L. e.a. (1994). Organisatie en gedrag. Deventer: Kluwer Bedrijfswetenschappen.
  • Schenk, H. (1977) Externe organisatie en de relatie organisatie omgeving. In: G.R. Eyzenga e.a. 1977: 791-60.
  • Scott, W.R. (1981). Organizations. Rational and open systems. Englewood Cliffs (N.J.).

()